Geografische ligging: in de uiterst noordoostelijke punt van Afrika en ten zuiden van Israël/Palestina.
Oppervlak: 1.001.000 km2; 58 x groter dan Israël/Palestina en 29 x groter dan Nederland.
Aantal inwoners: 68 miljoen en daarmee kwantitatief het grootste volk binnen de Arabische wereld, waarin Egypte ook in politieke zin een hoofdrol speelt.
Staatsvorm: republiek, met president Mubarak als staatshoofd. In vergelijk met de omringende landen stelt het land zich relatief democratisch op.
De hoofdstad, Cairo, telt ruim 16 miljoen inwoners.
Bevolkingsgroepen: Arabieren: 82%, Kopten (Christelijke Arabieren) 15%. Taal: Arabisch.
Valuta: Egyptisch pond (LE).
Export: bijna 50% van de export bestaat uit olie en gas. Een belangrijke bron van inkomsten is het toerisme.
De meerderheid van de bevolking woont aan de Nijl, die door zijn jaarlijkse overstromingen het gebied vruchtbaar maakt. Het overgrote deel van Egypte bestaat uit onbewoonde woestijn.
|
Staatshoofden van Egypte |
|
Fuad |
1922-1936 |
door de Britten geïnstalleerd |
|
Farouk I |
1936-1952 |
Afgezet door coup Nasser/Naguib |
|
Nasser |
1954-1970 |
|
|
Sadat |
1970-1981 |
vermoord |
|
Moebarak |
1981-nu |
|
¨ Tussen 2500 en 500 voor Chr. ontwikkelt zich in Egypte een opmerkelijk hoge vorm van bestuurlijke, architectonische en religieuze beschaving, met de Farao’s in de hoofdrol.
¨ In het Egyptisch Museum in Cairo worden vele duizenden archeologische vondsten uit die periode tentoongesteld, zoals stenen beelden van Farao’s, grafkisten en mummies, Tut-anch-amon.
¨ Direct grenzend aan Cairo ligt de vlakte van Gizeh, waarop zich de belangrijkste piramiden bevinden.
¨ Meer naar het zuiden vinden we de tempels en koningsgraven van Luxor en Karnak.
¨ Nog verder zuidwaarts is na W.O. II de Assoeandam gebouwd, waarvoor complete ‘antieke’ tempelgebouwen zijn verplaatst.
¨ Nasser (1954-1970). Ontpopt zich als voorvechter van Arabische eenheid en nationalisme. Vormt in 1958 samen met Syrië de nieuwe staat V.A.R. (Verenigde Arabische Republiek), die echter al in 1961 weer wordt opgeheven. Gaat ondanks vele politieke vergissingen toch de geschiedenis in als een van de meest populaire Arabische leiders.
¨ Answar Sadat (1970-1981). Slaat een pro-westerse koers in. Sluit als eerste Arabisch land vrede met Israël In maart 1979 ontruimt Israël de sinds 1967 ‘bezette’ Sinaiwoestijn. Egypte raakt van de radicalere Arabische landen vervreemd. In 1981 wordt Sadat door moslimextremisten vermoord.
¨ Hosni Moebarak (1981-nu). Loodst zijn land eind jaren ’80 weer de Arabische Liga in. Maakt in 2004 bekend dat hij bij de eerstvolgende verkiezingen in zijn land meer dan één kandidaat zal toestaan. Sommige commentatoren noemen het een schijnbeweging om aan de westerse wens voor meer democratie in de Arabische wereld tegemoet te komen.
¨ Egypte neemt vier keer deel aan aanvallen op de staat Israël: in 1948, 1956, 1967 en 1973. Zie: Oorlogen.
¨ In 1979 sluiten Egypte en Israël een vredesakkoord. Zie: Camp David-akkoorden. Israël geeft vervolgens de Sinaï aan Egypte terug.
¨ Egypte laat Israël in 1967 achter met de zorg voor een dramatisch stuk land, de Gazastrook, dat sinds 1948 onder Egyptisch bestuur had gestaan en sindsdien wordt bewoond door honderdduizenden Arabisch-Palestijnse vluchtelingen.
¨ Tijdens de Tweede Intifada worden verscheidene tunnels ontdekt tussen de Egyptische Sinaiwoestijn en de Gazastrook. Volgens de Israëlische autoriteiten worden ze aangelegd door militante Palestijnse organisaties, zoals Hamas, met hulp vanuit Egypte. Ze worden gebruikt voor de aanvoer van wapens en explosieven, bestemd voor zelfmoordaanslagen en raketten. De sluiting ervan kost aan beide kanten veel slachtoffers. Sommige bronnen zijn om deze reden nogal cynisch over de waarde van het vredesverdrag dat beide landen in 1979 hebben gesloten.